Home » Onderwijs » Inrichting van het onderwijs » Docentengids » Inleiding strafrecht en criminologie

Mr. Dr. Jolande uit Beijerse

 

Prof. dr. H.G. van de Bunt

 

Jaap van der Hulst


 

Mr. B.J.G. Leeuw

 

 

Jolande uit Beijerse: "Volg je passie!"

  • strafrechtelijk afgestudeerd aan de Erasmus Universiteit Rotterdam
  • gepromoveerd op: 'Op verdenking gevangengezet. Het voorarrest tussen beginselen en praktische behoeften.'
  • nevenfuncties: rechter-plv rechtbank Rotterdam, redactielid 'Proces, tijdschrift voor strafrechtspleging' en 'Youth Justice. An international journal', lid curatorium 'De gespecialiseerde jeugdrechtadvocaat'


Als Haagse scholier lag het meer voor de hand om in Leiden te gaan studeren, maar als geboren Rotterdamse koos ik voor Rotterdam. Daar heb ik geen minuut spijt van gehad. Door colleges van onconventionele hoogleraren en docenten als Louk Hulsman, Peter Hoefnagels en Jim Olila werd ik direct gegrepen door de maatschappelijke en politieke betekenis van het recht en de vele manieren waarop er naar het recht kan worden gekeken.
De universiteit stelde zich ten doel om studenten een zogenaamde 'zkk'-attitude aan te kweken ofwel zelfstandig, kritisch en creatief (toen nog 'kreatief') te leren werken. Die attitude krijg je natuurlijk niet door alleen colleges te volgen. Bij mij kwam die er vooral door de activiteiten ernaast. Mijn werk in de rechtswinkel bracht de studie tot leven en ik ging veel extra keuzevakken volgen op het terrein van sociaal verzekeringsrecht, arbeidsrecht en huurrecht. Ik leerde er ook dat je zelf actie kunt ondernemen. Zo startten we in een tijd dat het slachtoffer nog geen stem had in het strafproces, met enkele studenten een juridisch spreekuur voor slachtoffers van seksueel geweld en daarmee trokken we veel aandacht.
Ook binnen de studie waren er volop mogelijkheden tot verbreding en verdieping. Zo nam ik deel aan een internationaal criminologisch studieprogramma met universiteiten in Duitsland en Italië, wat een interessant kijkje gaf in het strafrechtssysteem van die landen. Een stage bij de kinderrechter gaf me enig inzicht in de rechtspraktijk en een afstudeeronderzoek naar politiecellen confronteerde me met de spanning tussen het voorarrest en de onschuldpresumptie, mijn latere proefschriftonderwerp.
Ook nu als wetenschapper laat ik me graag door de praktijk inspireren. Ik ben rechter plaatsvervanger en doe voornamelijk jeugdstrafzaken. Daar kun je als rechter veel creatiever zijn dan bij volwassenen in het zoeken naar de beste straf. Ik zie daar ook veel ex-studenten optreden als advocaat, als officier van justitie en als rechter. Geweldig vind ik het dan als ze de Rotterdamse 'zkk'-attitude tonen!

Terug naar boven

 

Henk van de Bunt: "De Universiteit is geen School"

  • Sociologie en rechten aan de Universiteit te Utrecht.
  • Gepromoveerd in 1985 op het onderwerp officieren van Justitie.
  • - Werkzaam geweest van 1987 - 2005 aan de VU te Amsterdam, vanaf 1991 als hoogleraar Criminologie.
    - Werkzaam van 1994 - 2000 als Directeur van het WODC van het ministerie van Justitie.
    - Vanaf 2000 als hoogleraar Criminologie verbonden aan de EUR.
  • Nevenactiviteit: Directeur van de onderzoekschool Maatschappelijke Veiligheid.


Het is al een hele tijd geleden dat ik zelf in de collegebanken zat. Ik heb rechten en sociologie gestudeerd in de roerige jaren zeventig. sinds 1978 heb ik aan verschillende universiteiten onderzoek gedaan en onderwijs gegeven op het gebied van de criminologie. van jongs af aan heb ik belangstelling voor de feitelijke werking van het recht en met name voor de verschillen die er zijn tussen ‘law in the books’ en ‘law in practice’. Het recht bevat tal van idealen, ambities, doelstellingen en de vraag is in hoeverre deze in de praktijk worden verwezenlijkt. Zo is er het ideaal van de rechtsgelijkheid: elke burger of elke verdachte moet door het recht gelijk worden behandeld. Maar wat komt daarvan terecht? Heeft iedereen gelijke kansen in de rechtsgang of spelen verschillen in macht, rijkdom en aanzien een rol in de rechtspleging? De Criminologie is een vak waarin je deze vragen kunt stellen en onderzoeken. Criminologie gaat niet alleen over de oorzaken van criminaliteit, maar ook over de wijze waarop de samenleving (politie, justitie, etc.) er op reageert. De sectie criminologie bestaat uit ongeveer tien leden die naast onderwijs ook onderzoek doen. Ik ben verantwoordelijk voor de goede gang van zaken, dus dat betekent ook veel vergaderen, regelen, onderzoekaanvragen indienen om subsidie te krijgen voor onderzoek etc.
In de afgelopen jaren heb ik tussen alle bedrijven door veel onderzoek gedaan naar georganiseerde misdaad. Dat betekent dat je allerlei bronnen raadpleegt (boeken, politiedossiers, interviews) en op basis daarvan een beschrijving en analyse geeft van het probleem van de georganiseerde misdaad. In het onderwijs probeer ik zoveel mogelijk mijn onderzoekervaringen te gebruiken. Ik houd er niet van om systematisch punt voor punt uitleg over een onderwerp te geven. Een college is geen alternatief voor het lezen van studieboeken. Ik probeer wel zoveel mogelijk aan de hand van heel concrete voorbeelden ontleend aan de onderzoekpraktijk over abstracte kwesties te praten. Het gaat dan niet alleen om overdracht van kennis, maar ook van inzicht en begrip.

Terug naar boven

 


Jaap van der Hulst

  • Strafrechtelijk afgestudeerd aan de Erasmus Universiteit Rotterdam
  • Gepromoveerd op: ‘De binding aan afspraken in het driehoeksoverleg’
  • Werkzaam geweest bij: Rijkswaterstaat (1985), Gemeentelijk woningbedrijf Rotterdam (1986), Universiteit Twente (1987-1990), EUR sectie strafrecht (1990-heden)
  • Nevenfuncties: rechter-plaatsvervanger Rechtbank Rotterdam, kantonrechter-plaatsvervanger Rechtbank Den Haag, Cursusdocent Stichting Studiecentrum Rechtspleging, Secretaris Dutch Law Association for the Study of European Criminal Law, Redacteur Jurisprudentie Wegenverkeersrecht


Na mijn eindexamen heb ik eerst een tijdje rondgereisd in het buitenland en daarna ben ik rechten gaan studeren in Rotterdam. In die tijd (1978) was de rechten faculteit in Rotterdam een relatief jonge faculteit met een nieuw geluid, vergeleken met de klassieke rechten faculteiten van andere universiteiten. Dat sprak me aan, zodat de keuze voor Rotterdam meteen was gemaakt. Al snel tijdens de studie merkte ik dat van de hoofdrichtingen het strafrecht me het meeste trok. De specialisatie strafrecht had toen ook het voordeel dat het qua keuzevakken was te combineren met andere onderwerpen. Op die manier heb ik een aantal milieurechtelijke vakken gevolgd, die na afronding van mijn studie de opstap waren tot mijn baan bij Rijkswaterstaat. Daar kwam ik onder meer in aanraking met het driehoeksoverleg. Dat is algemeen gesteld het overleg tussen bestuurlijke (bijv. burgemeester), justitiële (bijv. hoofdofficier van justitie) en politiële (bijv. korpschef) autoriteiten. Mijn ervaring met dit in die tijd nogal onbekende fenomeen bleek een goede ingang voor een promotieonderzoek aan de Faculteit Bestuurskunde van de Universiteit Twente. Een paar maanden voor afronding van mijn proefschrift ben ik weer teruggekeerd naar de Faculteit waar ik als student ben begonnen.
Sinds 1990 geef ik onderwijs in diverse strafrechtelijke (keuze)vakken aan bachelor- en master-studenten. Naast inleiding strafrecht en criminologie, geef ik onderwijs bij de oefenrechtbank, rechtsvergelijkend strafrecht en internationaal en Europees strafrecht. Op het gebied van onderzoek publiceer ik de laatste jaren vooral over verkeerssanctierecht. Gelukkig zijn deze werkzaamheden goed te combineren met een aantal nevenfuncties buiten de Faculteit. Het voordeel van deze nevenfuncties is dat je daar opgedane kennis en ervaring weer kan inbrengen in het onderwijs en onderzoek aan deze Faculteit.


Terug naar boven

 

Bas Leeuw: "Ga d'r voor!"

  • In 2007 afgestudeerd aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, Master Rechtsgeleerdheid, variant strafrecht.
  • Sinds 2007 als promovendus verbonden aan de sectie strafrecht. Onderwerp van promotieonderzoek is de vraag naar de meerwaarde van het opnemen van het recht op een eerlijk proces in de nationale Grondwet.


Na het afronden van het gymnasium in 2001 was de keuze voor de studie Rechten al vrij snel gemaakt. Vooral het strafrecht sprak mij erg aan. Deze voorkeur voor het strafrecht werd tijdens de studie ook bevestigd door mijn interesse voor met name de strafrechtelijke vakken. Daarnaast had ik echter ook interesse voor staatsrechtelijke en internationaalrechtelijke vakken. Daarom hoefde ik ook niet lang na te denken toen ik als student-assistent bij de sectie strafrecht werd gevraagd om na mijn studie een promotieonderzoek te doen naar een onderwerp dat alle drie deze rechtsterreinen omvat. De vraag naar het opnemen van het recht op een eerlijk proces in de Grondwet heeft namelijk niet alleen betrekking op het strafrecht, ook komen staatsrechtelijke vraagstukken aan bod. De link naar het internationale recht loopt via de doorwerking van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens in de Nederlandse rechtsorde.
Een tweede reden dat de functie van promovendus mij zo aanspreekt is het feit dat ik het onderzoek aan mijn proefschrift kan afwisselen met het geven van onderwijs. Ik zal daarom met veel plezier een aantal werkgroepen van het vak Inleiding strafrecht en criminologie voor mijn rekening nemen.

Terug naar boven

 

 

 


Michiel van der Wolf: "Een wijde blik"

  • Studeerde rechtsgeleerdheid (strafrecht en criminologisch-juridische richting) en psychologie (klinische, forensische richting) aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
  • Was twee jaar werkzaam als psycholoog in opleiding in de (niet meer bestaande) TBS-kliniek Flevo Future
  • Werkt nu als universitair docent en de afgelopen vier jaar als promovendus aan de afdeling strafrecht van de EUR. Het (bijna afgeronde) promotie-onderzoek betreft een historische en internationale vergelijking van het TBS-systeem, zodat hij enkele maanden als ‘visiting scholar’ verbonden was aan universiteiten in Vancouver, Göteborg en Cambridge.


Ik hou van het strafrecht omdat ik gefascineerd ben door gedrag van mensen, vooral wanneer dat afwijkt van de norm. Normafwijkend gedrag is dan ook het onderwerp van mijn beide vakgebieden; naast het strafrecht de klinische psychologie. Daarnaast ben ik blij dat beide vakken niet alleen maar een wetenschap zijn, maar ook een vak. Onderzoek op groepsniveau of een hoger abstractieniveau en de praktijk van het individuele geval (in een rechtszaak of in een kliniek) beïnvloeden elkaar. Daarnaast laat het dynamische strafrecht zich ook beïnvloeden door andere disciplines, waaronder de gedragskunde. Zo zal een jurist, die door middel van een belangenafweging zoekt naar de gepaste reactie op een normoverschrijdende gedraging, soms van een forensisch psycholoog willen weten of die inzichtelijk kan maken waarom iemand zich heeft misdragen of hoe dat gedrag veranderd kan worden. Het strafrecht, ook zoals ik het wil doceren, is dan ook breed geïnteresseerd en heeft een wijde blik. Maar dat is ook mijn motto voor de studententijd. Op geen ander moment in het leven krijg je zo de tijd om jezelf te vormen, maak daar in de volle breedte gebruik van. De bron van wetenschap is nieuwsgierigheid en die mag je gerust mee naar het studentenhuis nemen of mee naar de stad. De wetenschap, vooral ook het recht, leert je zaken vanuit meerdere kanten bekijken. Ook dat kan je gebruiken in het dagelijkse studentenleven: gun jezelf een wijde blik.

Terug naar boven